Standpunten

Op deze pagina zijn een aantal fragmenten opgenomen uit het bezwaar zoals dit is ingediend vrijdag 21-4-2017

De gronden van bezwaar kunnen als volgt samengevat worden:

  1. Er zijn procedurele fouten gemaakt die de aanvraag niet ontvankelijk maken.
  2. De manege zal tot grote wateroverlast op aanpalende percelen leiden, in het bijzonder aan de straat Litsebeek in Eigenbilzen. Een separate Bijlage 2 bevat berekeningen die dit nader aantonen.
  3. Een waterafvoer die in de plannen als noodafvoer gekenmerkt wordt, wordt in waarheid als reguliere en structurele afvoer gebruikt.
  4. De manege zal tot lichtoverlast en een significante beperking van uitzicht leiden, in het bijzonder aan de straat Litsebeek in Eigenbilzen.
  5. De manege zal tot geluidsoverlast leiden, in het bijzonder aan de straat Litsebeek in Eigenbilzen.
  6. De manege zal tot stankoverlast, overlast door insecten en overlast door ongedierte (ratten etc.) leiden, in het bijzonder aan de straat Litsebeek in Eigenbilzen.
  7. De manege zal tot verkeersoverlast leiden in de wijde omtrek, inclusief – maar niet noodzakelijkerwijs beperkt tot – de dorpen Mopertingen, Eigenbilzen, Hoelbeek, Gellik, en Munsterbilzen.
  8. De aangevraagde vergunning is in strijd met het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan (GRS) van de gemeente Bilzen.
  9. De aangevraagde vergunning is in strijd met de bestemming van de betrokken terreinen.
  10. De aangevraagde vergunning is in strijd met wettelijke bepalingen ter bescherming van parkgebieden.
  11. De manege zal een grote negatieve impact hebben op de natuur in het betrokken gebied.
  12. Een waardevol bos moet voor de aanleg van de manege gekapt worden, en de vermeende voordelen van de manege wegen niet tegen dit nadeel op.
  13. De manege zal de nabij gelegen huizen in waarde laten dalen.
  14. De manege is veel te groot voor het voorziene terrein; zij is er als het ware “ingepropt”. Dit betekent ook dat er niet uitgebreid kan worden en dat dit project geen toekomst heeft.
  15. Het grote aantal in dit bezwaarschrift opgevoerde bezwaren toont aan dat een manege op de Kiep simpelweg een slecht en in de praktijk onuitvoerbaar idee is.

6 Gronden van bezwaar gerelateerd aan de waterhuishouding

6.1 Wateroverlast

Zoals uit de gebiedsbeschrijving in paragraaf 3 blijkt, zal de geplande manege significant hoger komen te liggen dan de tuinen en kelders van de huizen aan de straat Litsebeek. Zoals uit diezelfde beschrijving ook blijkt, liggen de tuinen en kelders nu al in een drassig gebied. Dit is overigens ook onderkend bij de aanleg van de Kiep in haar huidige vorm: de beek Litsebeek is een kunstmatige beek die tot doel heeft ervoor te zorgen dat water van de hoger gelegen gebieden efficient afgevoerd wordt.

De geplande manege zal de nu al aanwezige problemen met de waterhuishouding aan de Kiep sterk verergeren. Daarbij spelen de volgende factoren een rol:

De grootste zorg is hevige regenval zoals in de afgelopen jaren al meermaals is opgetreden: een grote hoeveelheid water in een korte tijd. Het is een feit van algemene bekendheid dat de klimaatverandering meer hevige regenval in de regio veroorzaakt.

Momenteel wordt regen die op de Kiep valt, deels door de bomen opgevangen en opgezogen. Aangezien de bouw van de manege betekent dat deze bomen gekapt worden, vervalt deze belangrijke factor voor de waterhuishouding. De nu al bestaande problemen geven duidelijk aan dat in de momentele situatie de gecombineerde capaciteit van de bomen en de grond om het water op te vangen toch al marginaal is; zonder de bomen is de capaciteit voor wateropvang ten enen male onvoldoende. Dit alleen al illustreert overduidelijk dat de komst van de geplande manege een groot probleem gaat opleveren voor de waterhuishouding aan de Kiep en aanpalende terreinen.

De grond aan de Kiep is slecht waterdoorlatend. Na de komst van de manege zal al het regenwater ongehinderd op deze slecht waterdoorlatende grond vallen en zich een weg zoeken naar lager gelegen punten: de beek Litsebeek en de daarachter gelegen tuinen. Het grondwaterpeil in deze tuinen zal door de komst van de manege verder stijgen, met alle gevolgen van dien. De claim van de aanvrager van de bouwvergunning dat het regenwater in de grond zal filteren is gezien de eigenschappen van deze grond irreëel.

Op dit punt moet nog een verdere opmerking gemaakt worden. Zelfs al zou de directe ondergrond van de Kiep (de eerste paar meter van de grond) wél goed waterdoorlatend zijn – zoals blijkbaar door aanvrager aangenomen – dan nog gaat de bouw van de manege voor problemen zorgen. Immers, water dat een paar meter in de grond indringt en dan een ondoordringbare laag tegenkomt, zal zijn weg zijwaarts naar een lager gelegen gebied zoeken – en dat zijn de Litsebeek en de daarachter gelegen tuinen.

Onafhankelijk van de bouw van de manege wordt ook binnenkort de vlakbij gelegen brug over het Albertkanaal verhoogd. Dit betekent dat bij hevige regenval er een risico is op wateroverlast door water dat vanaf de brug en vlakbij gelegen delen omlaag loopt, zowel op het terrein van de manege zelf, als ook in de lager gelegen gebieden. Anders geformuleerd: door de verhoging van de brug over het Albertkanaal wordt het alleen maar belangrijker dat er voldoende regenwater in de omliggende terreinen opgevangen kan worden inclusief op de Kiep, en de komst van de manege werkt dit nu juist tegen.

Volgens de bouwplannen zal het regenwater dat door de daken van de gebouwen van de manege wordt opgevangen, naar opslagreservoirs geleid worden met een totale capaciteit van 30 m3; deze capaciteit is gebaseerd op standaard voorschriften. Gezien de uiterst problematische situatie met water in dit specifieke geval is het werken met standaard voorschriften niet voldoende; er zal getoetst moeten worden of deze capaciteit ook bij de zwaarst te verwachten regenval voldoende is als opvang. Uit de bouwtekeningen is namelijk op te maken dat bij overloop van deze reservoirs het overtollige water naar onder meer de Litsebeek afgevoerd wordt, via een onderzoeks/-vervalput met een terugslagklep. Het is totaal onbekend of de Litsebeek bij hevige regenval wel voldoende capaciteit heeft hiervoor, hetgeen inhoudt dat er een risico is dat ook deze afvoer de bestaande problemen rond de waterhuishouding gaan verergeren. Bijlage 2 bij dit bezwaarschrift bevat een berekening gedaan met beschikbare gegevens welke aantoont dat de Litsebeek niet voldoende capaciteit heeft om dit overtollige regenwater af te voeren en dat het risico op overstromingsproblemen voor de aanpalende percelen reëel en groot is.

De berekeningen in Bijlage 2 tonen bovendien aan dat de afvoer naar de Litsebeek ingezet zal moeten worden als regulier en structureel afvoerkanaal. Dit is in complete tegenspraak met de aanvraag voor de bouwvergunning, waarin gesteld wordt dat het hier enkel gaat om een noodafvoer.

Artikel 8 §1 van het Decreet betreffende het integraal waterbeleid van 14 november 20032 verplicht de gemeente Bilzen tot het uitvoeren van een Watertoets. Gezien de hierboven geïdentificeerde schadelijke effecten op onder meer de flora (in casu: de tuinen), de bodem (in casu: de tuinen het direct daarachter gelegen gebied) en het landschap aan de Kiep, is artikel 2/1 §1 van het Uitvoeringsbesluit bij het bovengenoemde Decreet3 van toepassing. Dit artikel legt aan de gemeente Bilzen de verplichting op de geïdentificeerde schadelijke effecten door middel van voorwaarden in de vergunning te voorkomen of te beperken, of – indien dit niet mogelijk is – de vergunning niet te verlenen. Ondergetekenden zijn van mening dat de problemen met de waterhuishouding dermate zwaar wegen dat de aangevraagde vergunning alleen al om deze reden niet verleend kan en mag worden.

De hier beschreven extra wateroverlast veroorzaakt door de geplande manege vormt een belangrijke grond van bezwaar. Bezwaar wordt ook gemaakt tegen het gebruik van de beek Litsebeek als structurele waterafvoer. Daarnaast wordt bezwaar gemaakt tegen de uiterst gebrekkige en incomplete planning en berekening van de waterhuishouding in de bouwplannen: de bouwvergunning is op dit punt niet voldoende onderbouwd. Het is tenslotte niet acceptabel dat de aanvrager een zulke berekening niet heeft uitgevoerd, terwijl in dit bezwaarschrift een zulke berekening wel is opgenomen (zie Bijlage 2). Tenslotte wordt gesteld dat er een Watertoets uitgevoerd moet worden door de gemeente Bilzen, en dat op basis van de verwachte uitkomst van deze Watertoets de vergunning geweigerd moet worden.

Deze overlast moet gekwalificeerd worden als burenhinder in de zin van artikel 544 en artikel 640 laatste zin van het Burgerlijk Wetboek.

12       Aanpalend parkgebied en oneigenlijk gebruik

Uit Afbeelding 12.121 blijkt dat het recreatiegebied waarop de manege gebouwd moet worden (geel gemarkeerd) omgeven is door parkgebied in de zin van artikel M11/14 van de Omzendbrief betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en gewestplannen22 (de “Omzendbrief”).

Afbeelding 12.1: Indeling de Kiep in gewestplan

 

 

Uit de bouwplannen voor de manege blijkt ook dat het aanpalend parkgebied mee gebruikt gaat worden voor de manege (ruwweg daar waar in Afbeelding 12.1 een grote letter “P” te zien is): Parkeren “in het groen”, bedoeld als opvang in het geval dat de parkeerplaatsen van de manege zelf vol zijn. Dit is deels al besproken in paragraaf 10.4.

Zowel de extra parkeervoorziening als ook de uitloopweide zijn direct in strijd met de vereisten uit artikel M11/14.4.4 volgens welke de parkgebieden in hun staat bewaard moeten worden of zodanig ingericht moeten worden dat ze hun sociale functie vervullen. Aangezien een parkeerterrein voor een manege geen sociale functie heeft en ook niet kan hebben, moeten de parkgebieden in hun staat bewaard blijven. Hetzelfde geldt voor de geplande uitloopweide – deze heeft misschien een sociale functie voor de paarden, maar zeker niet voor de bewoners van Eigenbilzen. Anders geformuleerd: volgens geldende wettelijke bepalingen mogen de uitloopweide en de parkeergelegenheid “in het groen” niet vergund en niet aangelegd worden.

De aanvraag voor de stedenbouwkundige vergunning is dus rechtstreeks in strijd met geldende wettelijke bepalingen. Tegen deze strijdigheid wordt bezwaar gemaakt.

Tenslotte wordt erop gewezen dat in paragraaf 5.2 al is beschreven dat niet uitgesloten kan worden dat de gebouwen van de geplande manege deels in het parkgebied gebouwd zullen, wegens het ontbreken van voldoende nauwkeurige landmeetkundige gegevens en tekeningen. Hiertegen wordt ook bezwaar gemaakt.

13 Impact op de natuur

Het gebied de Kiep heeft belangrijke natuurwaarden:

In het Bekkenbeheersplan van het Demerbekken wordt de Litsebeek expliciet vermeld als één van de bovenlopen van de Munsterbeek als “lijnvormige oppervlaktelichamen van bovenlokaal belang” op basis van “het bijzonder ecologisch belang (belangrijke criteria: habitatrichtlijngebied, (toekomstige) hoofdfunctie natuur, aanwezigheid zeldzame flora/fauna (beekprik), (zeer) goede ecologische kwaliteit …”).

Het is eigenaardig dat de “passende beoordeling” die bij de aanvraag is gevoegd, geen aandacht heeft voor de milieuwaarden van de Litsebeek zelf.

Op de Vlaamse Biologische Waarderingskaart krijgt het perceel de vermelding “Biologisch zeer waardevol”, de hoogste quotering, en hoger dan enkele aanpalende parkpercelen.

De lokale bewoners hebben regelmatig zelf zeldzame en/of beschermde dieren kunnen waarnemen op de terreinen: zo werden er o.m. everzwijnen, reeën, vos , hazelworm, steenmarter, bosuil, bever, etc. gespot.

Het gebied grenst aan habitatgebied, en is omwille van de hoge natuurwaarden “habitatwaardig”.

Het gebied grenst aan het VEN-gebied.

Het gebied is omringd door park- en natuurgebied op het Gewestplan, maar het vormt ook een corridor tussen de natuurreservaten Munsterbos en Zangerhei, Hoefaert, en de beschermde landschappen van Groenendael en de Branderij. Het is dus een “natuurverbindingsgebied” dat volgens het Decreet op het Natuurbehoud van belang is voor de migratie van fauna en flora tussen VEN-gebieden en Natuurreservaten.

Op lokaal vlak kan het gebied waar men wil bouwen beschouwd worden als de omgeving van een beekstructuur langs bebouwd weefsel, die op een gemeentelijk schaalniveau de kleinste mazen van het ecologisch netwerk vervolledigen. Verwezen wordt wederom naar het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan.

Het valt te verwachten dat ruiters vanuit de manege regelmatig in de omliggende bossen tochtjes gaan maken hetgeen de recreatiedruk gaat verhogen tot in het kerngebied van de omliggende natuurreservaten.

Het bos dat voor dit project gaat gerooid worden fungeert als buffer tussen de drukke woonstraat Litsebeek en het Natuurgebied. Deze buffer blijft best bestaan, zowel voor de aanwezige natuurwaarden op het terrein zelf en in de omliggende natuurgebieden, als voor de bewoners van de drukke woonkern Litsebeek, Wolfsbergstraat en Haenenstraat.

De omliggende percelen, dus ook de overkant van de Hoefaertweg, zijn Natura2000- gebieden. Natura 2000 is de hoeksteen van het Europees beleid inzake natuurbehoud. Ook Vlaanderen heeft beloofd tegen 2020 stap voor stap waardevolle planten en dieren en hun leefgebieden, beschermen en waar nodig ontwikkelen en herstellen. Het is dus op zijn minst vreemd te noemen dat het gebied “de Kiep” dat vrijwel identiek is aan het beschermde Natura2000 gebied aan de overkant (dezelfde grond uit het kanaal, dezelfde vegetatie, hetzelfde dierenbestand, dezelfde ecologische waarde en daarenboven van veel groter belang voor het woongebied dat eraan grenst) deze bescherming niet verdient.

Vreemd is ook de rol die de natuurvereniging Limburgs Landschap vzw, die instaat voor het behoud, de bescherming en het beheer van de natuur in Limburg, vandaag opneemt of beter gezegd, niet opneemt. Op geen enkele manier doet Limburgs Landschap haar bestaansreden eer aan: Limburgs Landschap “beheert, beschermt en behoudt” dit stuk natuur niet. Het bosbeheer zou moeten leiden tot het realiseren gewenste “bosfuncties”: behoud van biodiversiteit, kwaliteit van de leefomgeving, erosiebestrijding,waterbeheer, waterkwaliteit, verminderen van fijnstof, vastleggen van CO2 – bijna allemaal verliezen waar hier bezwaar tegen is aangetekend – maar ook recreatie. Ja, een manege is een vorm van recreatie voor een zeer beperkte groep mensen die dure paardenrijlessen kan betalen op privaat terrein en binnen de uren die de eigenaar bepaalt. Maar een bos heeft een recreatieve functie voor zowat iedereen en is dag en nacht toegankelijk. De recreatieve waarde van de manege valt dus in het niets bij de recreatieve waarde van de natuur en het bos op de kiep!

In alle objectiviteit, en zeker naar aanvoelen van de inwoners van Eigenbilzen, is de kiep natuurgebied. Dit is altijd zo geweest, en natuurgebied blijft de enige juiste bestemming voor het gebied, getuige ook het feit dat een natuurvereniging, met name Limburgs Landschap vzw, eigenaar is van ‘de kiep’

In de “Passende Beoordeling” is beschreven dat de tijdsdruk geleid heeft tot het voorstel tot inplanting op deze plaats; “anders was er een RUP nodig”. Dit was blijkbaar de enige recreatiezone die nog “vrij” was. Het zou beter zijn dat er een RUP wordt opgemaakt dat in een meer geschikt gebied ruimte creëert voor een interessant project zoals een paardenmanege: dit is de aangewezen weg om stedenbouwkundig verantwoord een zulk groot project in te passen. Nu kan men toch niet uitleggen dat men 3 ha biologisch zeer waardevol bos wenst te kappen, enkel omdat er wat haast is met de verlening van de vergunning.

De grote impact van de geplande manege op de natuur zoals hierboven beschreven, vormt een verdere grond van bezwaar. Daarnaast wordt bezwaar gemaakt tegen de gang van zaken waarbij een ecologisch zeer waardevol gebied wordt opgeofferd simpelweg om een correcte, maar moeilijkere en tijdrovendere procedure te omzeilen.

Onze beweegredenen

Punten van ongerustheid bij de bewoners:

  • Verstoring van de natuur door de kap van de bomen op de “Kiep”
    Stijging grondwater. Door het gebied loopt de Litsebeek. Het grondwater staat van nature hoog. Door het wegvallen van de bomen vervalt de wateropname en de natuurlijk gereguleerde waterafgifte van de bomen weg over het hele gebied. Waardoor een stijging van het grondwaterpeil te verwachten valt.
  • Stankoverlast: Door de opslag van mest op de locatie gaat er stankoverlast optreden. (mestopslag komt op ongeveer 20 meter afstand van de kavels van de bewoners te liggen!)
  • Mortaliteit onder het huidige en toekomstige dierenbestand
    Capaciteit riolering. Sinds de eerste bouw van de woningen voldoet de riolering bij een aantal woningen niet. De riolering slikt het water niet. Doordat er vanuit de manege ook water geloosd gaat worden op hetzelfde systeem zullen deze problemen niet minder worden.
  • Milieubelasting: Een manege is milieubelastend. Dit wordt van de wetgever uit al erkend. Anders was er geen milieuvergunning nodig!
  • Toegankelijkheid recreatiegebied komt te vervallen, niet alleen door de verdwijning maar ook door het gesloten karakter van de manege
    Ongedierte: Van de open mestopslag gaat een aantrekkende kracht uit richting ongedierte (muizen, ratten, dazen, vliegen)
  • Door de voorziening van een zgn. infiltratiebekken (een open vijver waarin overtollig water wordt geloosd) gaat er een behoorlijke toename zijn aan muggen, en wederom dazen en vliegen.
  • Privacy: door de bouw van de manege gaat privacy van de mensen verloren
    Geluidsoverlast: Door de bouw van de manege gaat er geluidsoverlast optreden. Het geluid van de vogels wordt vervangen door het gestamp van paarden in de vroege ochtend en tegen de avond als het voedertijd is.
  • Geluidsoverlast voor mens en dier tijdens evenementen die georganiseerd gaan worden in de manege (jumpings) gevolgd door feestelijke afsluitingen in het te bouwen cafetaria.
  • Infrastructuur: behoorlijk toenemende druk op de infrastructuur door zware wagens en vrachtwagens (verkeersdruk de kern van Gellik, Eigenbilzen, Munsterbilzen en Hoelbeek. NB een aantal van deze wegen zijn formeel afgesloten voor verkeer + 3,5 ton).
  • Verkeersonveiligheid: toename verkeersonveiligheid doordat de in- en uitrit van de manege aan de Hoefaertweg komt te liggen.
  • Toename van de verkeersonveiligheid door verkeer dat ‘s avonds en ‘s nachts de hoefaertweg richting Gellik neemt (veel overstekend wild)
  • Onveilige verkeerssituaties door onvoldoende parkeerfaciliteiten (capaciteit 30 personenauto’s) op het terrein van de manege. Bezoekers zullen ergens hun auto of camion; te voorzien is dat deze geparkeerd gaan worden aan de Hoefaertweg zelf, de omringende straten als Hanenstraat en Litsebeek.
  • De Hoefaertweg is een verbindingsweg voor fietsers en wandelaars tussen het groen aan de zijde van Eigenbilzen en aan de andere zijde van Gellik en Zutendaal. De verkeersveiligheid zal niet toenemen door vrachtwagens die richting de manege in het weekend, en door de week bevoorrading, rijden.
  • Lichtvervuiling, overlast voor mens en dier.
  • Verstoren van rust doordat de eigen dieren zullen reageren op zo’n grote concentratie van paarden in de achterhof.
  • Waardedaling woningen; mensen willen wonen in een landelijk gebied met rust niet in een woning met een manege in de achtertuin.
  • Zeer grote gezondheidsproblemen bij bewoners die bewust voor deze schone omgeving hebben gekozen en worden nu geconfronteerd met een toename van hun allergieën. In sommige gevallen kan dit zelfs leiden tot een onvrijwillige verplichte verhuizing.
  • Blijvend vervallen van het uitzicht op natuur. Dit wordt vervangen door een 10 meter hoge manege die op de talud gebouwd gaat worden.
  • Etc.